Aalsterse graffitiartiest Waf over zijn illegale kunst
Stortbui. Ik spurt naar de grijze camionette die me opwacht aan het station van Aalst. De verfspatten op de broek van de bestuurder en een doos spuitbussen op de achterbank stellen me gerust dat ik niet verkeerd zit. Waf, niet zijn echte naam maar wel door iedereen zo gekend, ontvangt me in zijn atelier met een kopje thee.
Wanneer belandde de eerste spuitbus in je hand?
Waf: “Ik zat op internaat in Oostakker samen met mijn jongere broer. Hij zat echter op een andere afdeling, zodat we tijdens de pauzes niet samen konden spelen. Uit frustratie ben ik kleine tekeningen op de muur beginnen maken, als een soort van verzet. Maar het viel me al snel op hoe je door iets te creëren de mensen stil krijgt en dat is me blijven fascineren.
Iets moet je me wel eens uitleggen. Waarom moet graffiti altijd in van die grote flashy letters op de muur staan?
Waf: “Dat is een misverstand! Graffiti ontstond in België en Nederland in volle punkperiode. We zijn echter gebrainwasht door de Amerikaanse televisie die steeds de link legt met de hiphopscène. De graffitistijl hangt sterk af van de regio. In Brazilië bijvoorbeeld wordt er meer met verfrollen en latexverf gewerkt, omdat spuitbussen daar heel duur zijn.”
“Elke artiest ontwikkelt bovendien zijn eigen stijl. Ik heb bijvoorbeeld jaren met bruine tinten gewerkt. Ik vond dat mooi, de kleur van de aarde. Tegenwoordig werk ik het liefst met 3D-afbeeldingen, alsof er beelden op een muur staan die je kan vastnemen.”
Waar haal je de inspiratie voor je onderwerpen?
Waf: “De actualiteit. Dingen die gebeuren in de wereld. (haalt schetsboek boven) Hier zie je bijvoorbeeld een afbeelding die ik gemaakt heb naar aanleiding van de aardbeving in Haïti. Die man draagt een kartonnen doos weg waarin een huis verborgen zit. In feite loopt hij dus weg met zijn huis. In zo’n details zit het hem voor mij. Zo geef je perspectief aan je werk.”
Een boodschap hebben is dus wel belangrijk. Maar gaan mensen daar niet vaak aan voorbij als het over graffiti gaat?
Waf: “Zeker, maar ik doe het in de eerste plaats voor mezelf. Mijn stempel drukken op een muur is voor mij pure vrijheid. Er wordt ons door de maatschappij al veel te veel opgedrongen. Mijn boodschap kunnen ze dan ook wel missen. Graffiti heeft voor mij ook een belangrijk esthetisch aspect. Zo valt er toch nog iets moois te bewonderen als je door de stad wandelt. Beter dan al die reclame!”
De Brussels graffitikunstenaar Bonom werd onlangs opgepakt. Terecht?
Waf: “Heel dubbelzinnige boel vond ik dat. Eerst pakt de stad met zijn werken uit en dan draaien ze hem de bak in. Natuurlijk is het niet wettelijk om op gebouwen te spuiten, maar je zou toch denken dat ze respect voor hem hebben na alle aandacht die ze hem voor zijn arrestatie gaven.”
“Bonom is trouwens echt te bewonderen. Die kerel klimt ’s nachts op gebouwen om op zichtbare plaatsen uit te pakken met zijn boodschap. Toen zijn pa gestorven is, heeft hij dezelfde nacht nog op de zijflank van een gebouw een grote slang getekend met het hoofd van zijn vader. Als het dan niet van diep komt, weet ik het ook niet!”
Maar het blijft illegaal.
Waf: “Inderdaad, en boeten moeten zeker kunnen, maar de overheid lijkt zelf niet goed te weten waar ze de grens willen trekken en graffiti al dan niet willen erkennen als kunstvorm. Veel boetes zijn bovendien buiten proportie. Er zijn zelfs gevangenisstraffen.”
In Aalst zit je ook met die problematiek, er is nog steeds geen legale graffitimuur.
Waf: “Het zou zeker goed zijn als er een legale muur zou komen. Of tenminst een duidelijk oppervlakte. De stad zal dan volhangen met tags van jongeren die zo een manier vinden om zich uit te drukken. Zo’n omkadering biedt kansen. De avonturiers onder ons kunnen dan weer op zoek naar andere plekken." (lacht)



