Een eenvoudige selfmade man stelt na jarenlang zwoegen zijn ingenieus IT-systeem op punt. Zijn werkgever: de Deutsche Bank. Zijn oversten: aanvankelijk joviaal tot ze geld ruiken. Veel geld.

Een eenvoudige selfmade man stelt na jarenlang zwoegen zijn ingenieus IT-systeem op punt. Zijn werkgever: de Deutsche Bank. Zijn oversten: aanvankelijk joviaal tot ze geld ruiken. Veel geld. Zegeviert de tandem corruptie - vriendjespolitiek of steekt de uitgerangeerde IT-adviseur stokken in de wielen...
Walter Vandamme is de schepper van het PSS, een computersysteem dat de werking van de bank enorm vereenvoudigt. Een goudmijn dus. Hij spendeert meer tijd aan het finetunen van zijn geesteskind dan aan de opvoeding van zijn eigen zoon, Jonas. Als zijn vrouw hem verlaat en hij nog slechts part-time papa is, verliest hij zichzelf helemaal in zijn werk. Groot is dan ook zijn teleurstelling als hij plots geveld wordt door een rare ziekte waardoor hij zijn PSS niet kan voorstellen aan het managementteam. Er lijkt wel een duivels toeval mee gemoeid want Walter wordt ook weerhouden van de PSS-voorstelling in het hoofdkantoor in Frankfurt. Jonas komt immers ongelukkig ten val op weg naar school. Walter aarzelt geen seconde en vertrekt halsoverkop naar huis. Als Walter zowel zijn zoon als zijn intellectueel levenswerk dreigt te verliezen begint het stilaan te dagen dat hij gerold is. Gerold door zijn eigen beslissingen en door de Deutsche Bank.
Psychologische vivisectie
Deflo voert een uiterst precieze psychologische vivisectie uit op zijn hoofdpersonage Walter Vandamme. Een ingetogen, ietwat sombere man die door het onrecht hem aangedaan achtereenvolgens haatdragend, suïcidaal, paranoïde en angstig wordt. Bij al zijn gevoelens en gedachtenstromen lijkt het gebrek aan weerbaarheid de enige constante in zijn onheilspellende werkelijkheid. Als alles hem ontnomen is, wordt ook die constante ontmanteld. Hij wordt daadkrachtig en bijt zich als een manke pitbull vast in de schuldvraag.
“De schuldige zal boeten, godverdomme!”
Witteboordencriminaliteit is niet het enige thema dat Deflo’s scherpe pen aansnijdt. De tristesse van een aanslepende echtscheiding en onze moordende prestatiemaatschappij zijn twee actuele subthema’s die verweven zijn in het verhaal.
Het onrecht en de weemoed waarin het verhaal baadt, maken dat je het boek soms opzij wil leggen. Toch zal het niet lang duren vooraleer je Angst terug ter hand neemt, de drang om verder te lezen overwint. De personages zijn zo levensecht en schreeuwen van onder de veelzeggende omslag om aandacht. Je voelt mee met de underdog, het verhaal heeft je helemaal in zijn greep. Dat is dan ook de sterkte van dit boek: hoe hallucinant echt het allemaal lijkt. De nieuwste Deflo is geen typische whodunit maar wel ongetwijfeld een aanrader voor de liefhebber van psychologische thrillers.



