The Rones, dat waren vorige week zes Limburgers die op de laatste dag van Pukkelpop het hoofdpodium mochten openen. In het publiek geen mensen die nog in hun tent lagen te knorren met een kater van de voorbije dagen, wel enkele honderden nieuwsgierigaards die het ondanks hun vermoeidheid toch de moeite vonden om met een pint in de hand te ontdekken wat industrial stonerrock nu precies is.
We schrijven zaterdag 16 augustus 2008 en het is bijna vier uur. Met twee leden van The Rones, meer bepaald gitaristen Kris Verhelst en Ken Spranghers, zit ik op een bankje in de persruimte achter de mainstage, het podium waar ze enkele uren voordien het beste van zichzelf gaven.
Hoe voelt het om het grootste podium op Pukkelpop te mogen openen?
Kris: "Supervet, hoewel het aanpassen was en we toch een apart gevoel hadden. Op het moment zelf denk je niet meer na, ook niet aan de zenuwen. Die waren trouwens een uur voor ons optreden weg."
Het is niet de eerste keer dat jullie op Pukkelpop spelen. Is dit optreden te vergelijken met dat van 2006?
Ken: "Neen, niet echt. Ten eerste speelden we nu een andere set met nummers van onze nieuwe cd Sinner Songs, we speelden nu ook op de main stage en niet meer in de Wablief?! zoals twee jaar geleden."
Kris: "Dit optreden was specialer. We konden ons niet meer veroorloven kleine foutjes te maken, in de Wablief?! kon dat nog wel."
Op jullie MySpace staan onder andere dEUS en Queens Of The Stone Age in tussen de top vrienden en jullie speelden daarnet een cover van Pendulum. Jullie worden blijkbaar door verschillende genres en groepen beïnvloed.
Kris: "Zeker, maar we proberen onze eigen muziek te maken en halen invloeden bij andere groepen. Daaruit ontstaat onze eigen ‘shit’, onze songs."
Jullie muziek wordt omschreven als turborock, zelf geven jullie er de naam industrial stonerrock aan. Wat houdt dat nu precies in?
Ken: "Toen we Limbomania wonnen, moest onze muziek eigenlijk een naam krijgen. Toen hebben we er die naam maar opgeplakt. Eigenlijk is het een mix van pop, rock en elektronica. De industrial slaat ook terug op de samples die we spelen, de stoner komt van het gevoel dat we hebben over onze muziek, het 'scheurt'."
Volgens de geruchten zijn jullie ook sletterig, venijnig, trashy en zelfs een beetje gewelddadig. Hoeveel is daar van waar?
Kris: "Alles, haha!"
Ken: "Gewelddadig zijn we misschien wel als we te veel whisky hebben gedronken, en onze bassist is eigenlijk wel sletterig. Nee hoor, grapje. Eigenlijk zijn we hele lieve mensen."
Kris: "We doen ook niet uit de hoogte, we beseffen heel goed dat we de kans om hier te staan niet zomaar gekregen hebben. We hebben hier vijf jaar hard voor gewerkt, hoewel het nog niet echt doordringt dat we dit werkelijk mogen doen."
Jullie album Sinner Songs is net verschenen. Wat schuilt er precies achter die naam?
Kris: "Eerst hadden we een andere titel in gedachten, maar die weet ik niet meer. In ieder geval komt het van het nummer Sinner Song dat ook op het album te vinden is, wat we eigenlijk ons beste nummer vinden. Als we Sinner Song spelen, geven we ons nog meer dan bij andere nummers."
Ken: "Het bleek ook dat de andere nummers op onze plaat allemaal over zondes gaan, wat dus ook mooi aansluit bij de titel."
Het album is ook een onvermijdelijke trap in de Belgische kloten. Hebben jullie daar nog iets aan toe te voegen?
Kris: "We willen laten zien dat er in België ook bands zijn die echt kunnen rocken, want dat zijn er niet veel. We hopen dat we daarin geslaagd zijn."



