Vorig jaar debuteerde Toni Coppers als thrillerauteur met Niets is ooit, het begin van een serie rond inspecteur Liese Meerhout in het hippe Brussel. Engel is deel twee.
Op zijn ronde door het Museum voor Schone Kunsten in Brussel ontdekt nachtwaker Alain Richaux tot zijn afgrijzen dat er onder een schilderij een beeldje van een engel ligt, badend in een plas bloed. Inspecteur Liese Meerhout van de afdeling Kunstcriminaliteit ontvangt in de dagen na dit merkwaardige voorval verscheidene raadselachtige boodschappen. Zijn ze afkomstig van een grappenmaker die haar op stang wil jagen of bevatten de briefjes aanwijzingen en tips? De merkwaardige berichten die Liese ontvangt, lijken kant noch wal te raken. Samen met haar steun en toeverlaat Simon de Vere moet ze een zeer complexe kunsthistorische legpuzzel zien op te lossen.
Gebrek aan spanning
We misten tijdens het verhaal van Engel een beetje de spanning. Wat leuk is, is dat alles zich afspeelt in Brussel. Je kan je dus werkelijk voorstellen waar Liese zich overal bevindt. Soms wordt het verhaal echter nogal saai. Door de lezer een eenvoudig stramien voor te schotelen van: een tip; de politie die geen idee heeft, maar dan deze dan toch ontrafelt en natuurlijk te laat komt; de volgende tip; ... en dit meermaals te herhalen, onstaat tijdens het lezen een gevoel van “Dit hebben we allemaal al wel eens gehad”. De ontkoping van het verhaal is daarentegen zeer verassend.
Wanneer je het eerste boek niet hebt gelezen, is het soms ook moeilijk om de relatie tussen Liese Meerhout en Simon de Vere te volgen. Ook de andere personages werden reeds in het eerste boek voorgesteld. Daarom is het een aanrader om eerst het boek Niets is ooit te lezen. Verder is Engel geen slecht boek, maar goed is het zeker ook niet.



