Michael Moore bekritiseert in zijn films Amerika en de Amerikanen. Michael Wilson trekt op kruistocht tegen de leugens die Michael Moore vertelt en het succes waarmee hij dat doet. Het is ook dat succes wat hem de rijkdom oplevert waarvoor hij anderen aanklaagt. The Land of the Free doet zichzelf de boeien om, en het is geen mooi zicht.
Michael Moore spreekt in zijn documentaires niet geheel de waarheid. Met behulp van montagetechnieken en creatief knip- en plakwerk verdraait hij bewoordingen en zet hele speeches naar zijn hand. Het zijn maar enkele van de aantijgingen die Michael Wilson in zijn documentaire over de documentairemaker en over het genre naar boven haalt.
Jeugdtrauma
Wilson graaft in het verleden van Moore naar redenen, motieven voor de leugens, de haat die Moore tegen Amerika koestert. Onderweg sleurt hij er ook een psycholoog bij die in Michael Moore's gedrag een ver doorgedreven vorm van acuut narcisme ontdekt en Wilson voelt ook de burgemeester van Moore's zelfverklaarde geboortestad aan de tand. Zijn eventueel traumatische jeugd in de verlaten industriestad verbergt misschien de oorsprong voor zijn Amerika-haat. Wilson reist de hele VS door op zoek naar het verleden, de motieven en de slachtoffers van multimiljonair Moore en onderneemt tal van -vruchteloze- pogingen om Michael Moore te interviewen.
Moore ontwijkt Wilson op alle mogelijke manieren en als de ene documentairemaker uiteindelijk verschijnt op een lezing van de andere, probeert Wilson het op de man af. Temidden van een menigte MichaelMoore-fanatici die een lezing van hun Messias bijwonen waagt Wilson het om Moore te vragen waarom hij Amerika zo negatief voorstelt in zijn films. Wanneer Wilson zich introduceert als de maker van de documentaire Michael Moore Hates America kan hij zijn interview onmiddellijk vergeten. En dus probeert hij het nodige bewijs van Moore's haat samen te krijgen door -bijvoorbeeld- de leugen over zijn geboortestad bloot te leggen en gedupeerden op te zoeken. Het resultaat is een vrij amateuristische documentaire die niettemin wel de dingen in perspectief zet en een twijfel losweekt.
De één geen haar beter dan de ander
Feit is dat ook Michael Wilson niet heel zuiver op de graat is. Hij neemt bij interviews ook mensen in het ootje en houdt informatie achter, maar geeft dit zelf eerlijk toe. Dat maakt hem naar eigen zeggen dan weer beter dan Michael Moore. Wilson bracht in 2004 deze documentaire uit die het midden houdt tussen twee trieste fenomenen. Enerzijds een gedoodverfde Amerikaanse patriot die àlles in Amerika geweldig en fantastisch vindt en ieder die kritiek levert verkettert. En anderzijds lijkt deze documentaire misschien nog het meest op het theekransje van een paar oude dames die roddelen over het gaan en staan van een ander. Als Wilson de mediatisering uit de doeken wil doen of zelfs wil tegengaan maakt hij zich behoorlijk belachelijk.
Morele verplichtingen?
Wilson heeft een punt als hij zegt dat Moore moreel verplicht is de waarheid te tonen als hij documentaires wil maken. De ethische principes dienen niet om in de wind te slaan. Maar als Wilson zelf een loopje neemt met de ethiek valt zijn redenering als een kaartenhuisje in elkaar. Wie kritisch naar de documentaires van Moore en naar deze documentaire van Wilson kijkt, ziet de twee uiterste standpunten. Wie heeft er dan gelijk? Wilson en Moore, ze zijn geen van beiden heilig, maar ze geven een kern van waarheid mee. De interpretatie van wat rond die kern hangt is aan ons. Maar om in een cliché van Moore te vervallen is het voor de meeste Amerikanen misschien onmogelijk om alles te interpreteren.
Wilson levert het soort film af dat je wel eens wil gezien hebben, maar achteraf voel je je toch beroofd. Van je tijd welteverstaan, die je net hebt verdaan aan een documentaire die het genre aanklaagt maar er zelf een loopje mee neemt.



