Geld is ook niet zaligmakend

Michael Moore — Capitalism: A Love Story

6 Januari 2010
3

Met: Michael Moore, Wallace Shawn, John McCain, e.a.

Michael Moore, enfant terrible van de Amerikaanse populaire documentaire, schopt wederom wild om zich heen en richt ditmaal zijn pijlen op het gouden kalf genaamd 'kapitalisme'.

In vroegere tijden had elk paleis een hofnar om de boel wat op te vrolijken. Omwille van zijn ambt was de nar een enorme vrijheid van expressie gegund om dingen te zeggen waar een hofbediende of zelfs een edelman voor ter dood gebracht kon worden. De beroepsdwaas kon met zijn malle capriolen het beleid van de vorst aan de kaak stellen, notabelen beledigen en de spot drijven met hooggeachte instanties allerhande, en dit allemaal onder het mom van de eeuwenoude klassieker: “Het Was Maar Om Te Lachen.”

Ook in Michael Moores films valt opmerkelijk veel te lachen. Capitalism: A Love Story vormt daar geen uitzondering op, ondanks de serieuze - en bij wijlen best zware - thematiek die Moore naar goede gewoonte aansnijdt. Na de Amerikaanse wapendracht (Bowling For Columbine), buitenlandse politiek (Fahrenheit 9/11) en gezondheidszorg (Sicko), bindt de 'oproerkraaier met de lens' deze keer het gouden kalf de bel aan. Zoals wel te vermoeden valt, is de filmmaker hoegenaamd niet dol op het economisch systeem uit de titel.

Stof tot nadenken

In zijn typische, ondertussen welbekende stijl, handelt de regisseur ook hier weer een aantal concrete case studies af. Deze moeten duidelijk maken dat de Amerikaanse Droom in werkelijkheid een koortsdroom is gebleken waaruit het land wanhopig probeert te ontwaken. En net zoals in zijn eerdere films, zijn ook hier de daadwerkelijke data weer veel minder belangrijk dan het overkoepelende betoog dat Moore wil voeren, een betoog dat in de eerste plaats een dialoog op gang wil brengen onder de kijkers.

Er is dan ook genoeg om over te praten: onteigeningen, marionet-presidentschappen, corruptie, gekelderde vastgoedprijzen, onderbetaalde piloten, de Wall Street brain-drain, stakingen en civiele onrust. Allemaal zijn het voor Moore symptomen van een kwaadaardig, kapitalistisch rijk dat nog maar enkel in theorie de waarden van zijn founding fathers uitdraagt: een imperialistische natie die al lang niet meer op democratische wijze door zijn volk wordt bestuurd. De filmmaker schetst een beeld van een 'Amerika als plutocratie', waarin 'de rijke elite' de elite verrijkt. En als een nieuwe wet de rijken tegenwerkt, is daar even snel een mouw aan gepast.

Oproep tot verzet

Een weldenkend mens zou van minder gefrustreerd raken en na een decennium vechten tegen de bierkaai van corporate America, begint ook Michael Moore zo stilaan de moed te verliezen. Capitalism: A Love Story eindigt met Moore die zijn landgenoten in de duistere bioscoopzaal toespreekt met de opvallend grimmige mededeling dat hij het zich op zijn eentje niet meer kan halen. Als de mensen hun land willen veranderen, zullen ze hiervoor zelf de handen uit de mouwen moeten beginnen steken. En met een laatste sneer aan het adres van al zijn radicaal patriottistische landgenoten, vat Moore op de tonen van ‘Music For A Found Harmonium’ de film –en bij extensie zijn hele oeuvre- krachtig samen: “I refuse to live in a country like this and I’m not leaving.”

Kijk, daar drinken wij op.

Delen op Facebook

Reacties

Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.

Meer informatie over formaatmogelijkheden