Babel (Words), de nieuwste dansvoorstelling van topchoreografen Sidi Larbi Cherkaoui en Damien Jalet, ging in wereldpremière in het Koninlijk Circus in Brussel.
Voor Babel (Words) baseerden Cherkaoui en Jalet zich op het Bijbelse verhaal van de toren van Babel. Van daaruit onderzochten ze wat taal en territorium betekent voor de mens. Zonder dat beide choreografen het verwacht hadden, een brandend actueel thema. B-H-V draait om de Frans-Nederlandse taalkwestie en de vraag tot welk grondgebied (Vlaanderen of Brussel) de gemeenten in de rand nu moeten behoren. Cherkaoui (Nederlandstalig) en Jalet (Franstalig) overstijgen in hun samenwerkingen zelf ook dit eenzijdige taalstandpunt. Bovendien gaat Babel (Words) in het tweetalige Brussel in première, in een productie van De Munt/La Monnaie, een van de laatste tweetalige bastions van België. De dertien acteurs en dansers zijn zelf afkomstig uit twaalf verschillende landen, en ook de vijf muzikanten komen uit alle windstreken van de wereld. Het thema van Babel smeekte dan ook om door Cherkaoui en Jalet onder handen genomen te worden.
Hoger, groter, verder, meer
Babel (Words) is na Foi en Myth het derde deel van de monumentale trilogie die Cherkaoui en Jalet samen maakten. Maar de voorstelling zou ook een andere trilogie kunnen afronden, die waarin hij (zoals in Zero Degrees en Sutra) samenwerkte met de Britse beeldend kunstenaar Antony Gormley. Gormley ontwierp voor Babel monumentale driedimensionale sculpturen, waarmee de dansers constructies zoals een stadsbeeld vormen, of, in de ontroerendste scène, de toren van Babel proberen na te bouwen. Want daar draait het om: steeds hoger, steeds meer. Het is duidelijk iets van alle tijden.
Een aantal personages uit Foi en Myth komen ook in Babel terug. Maxi-Jazz-look-a-like Derryl E. Woods is weer in vorm en speelt de gladde Amerikaan die huizen verkoopt, en als ultramonster de andere dansers manipuleert. De Zweedse Ulrika Kinn Svensson laat zich als een robot aansturen, wat (dixit Cherkaoui en Jalet) verwijst naar hoe "taal en territorium als een soort programmeertaal de identiteit mee bepalen". Svensson laat zich als een ballon opblazen, steeds groter, om daarna uit elkaar te spatten. Het is het verhaal van Babel in één beeld.
Superstrak en sensueel
In het begin bakenen de dansers hun eigen grondgebied af, terwijl ze in hun eigen taal "aarde" zeggen. De taalkwestie zal nog een aantal keer terugkomen. In een vlieghavenscène passeren de verschillende dansers langs de douane. Robot Svensson spreekt hen als een polyglot in hun eigen taal toe. Verschillende stereotypes ("mozzarella", "hoofddoeken") worden bovengehaald. Babel bevat nog meer humor dan andere voorstellingen van Cherkaoui. Het wordt zelfs bijna sketch wanneer danser Francis Ducharme door een teletijdsmachine op enkele seconden van moderniteit naar prehistorie beweegt: al oerkreten uitstotend maakt hij Svensson het hof. Het is het terugkeren naar een periode dat er geen taal was, en mensen met elkaar communiceerden via gebaren. Terwijl nu het Engels met 700 miljoen sprekers de eerste taal van de wereld is geworden, zoals Woods trots mededeelt. In de discussie daarna verdedigt ieder zijn taal: het Frans van de kunst en liefde, het Afrikaans als symbool van de Apartheid (krop in de keel), ... De matrona, ook een terugkerend personage, bedaart haar kemphanen en heft een lied aan in het Latijn, de moeder van de westerse talen.
De dans in Babel varieert van superstrak (de indrukwekkende openingschoreografie die begeleid wordt op Kodo-drum), over sensueel (het liefdesduet waarin twee partners het grondgebied van elkaars lichaam verkennen) tot acrobatischer dan in andere Cherkaoui-voorstellingen.
Als er al een God is, heeft hij Cherkaoui en Jalet zeker tot zijn gezanten op aarde gemaakt. Want de hele Foi-Myth-Babel-trilogie is van een onaardse schoonheid.



