Het diabolisch instituut Liars leeft in een eigen universum. Met Sisterworld stond het dit jaar opnieuw een blik toe tot die sinistere, duistere wereld. Live sleurt Liars je mee in een levende nachtmerrie, maar wel een erg aangename.
Wie nog nooit van Liars gehoord heeft, zou over hun concerten spreken van een satanistisch ritueel uitgevoerd door een vijftal bezeten. Toch zijn de heren van Liars drie brave, bescheiden zieltjes. Met Sisterworld maakten ze dit jaar opnieuw een geslaagde conceptplaat vol met muzikaal anarchisme, dit keer met Los Angeles als onderwerp. De lugubere kunstwerkjes die Liars op plaat neerpoot, krijgen steevast een uitstekende live-uitvoering mee. Aan het experimentele en unieke geluid (postpunk meets new wave meets hardcore) wordt een ferme punkattitude toegevoegd.
Schizofreen & huiveringswekkend
In zijn huidige bezetting wordt het trio aangesterkt met twee leden van Fol Chen, het evenzeer speciale maar niet bepaald overtuigende voorprogramma. De vermoeidheid druipt van de groepsleden af, toch trekken ze zich het hele concert knap uit de slag. Vooral frontman/mafketel Angus Andrew is weer in vorm, want hij haalt weer allerlei knettergekke danspasjes en veelzeggende grimassen uit de kast.
Dat Liars trots is op Sisterworld blijkt uit de setlist. Liefst zeven nummers uit die plaat komen aan bod. Zonde is dat niet want de nummers sluiten perfect aan bij het repertoire. Zo mist het meedogenloze Scarecrows on a killer slant zijn doel niet, het schizofrene I still can see an outside World snijdt door merg en been en met The Overachievers lijk je getuige te zijn van een huiveringswekkende klopjacht.
Met de daver op het lijf
De muziek van Liars werkt soms hypnotiserend maar kan je ook met een denkbeeldige voorhamer uit je hypnose slaan. Scissor is zo’n ware mokerslag. Het nummer begint als fluisterconversatie maar wordt ruw onderbroken door een dubbele muzikale kopstoot. Ter illustratie: een toeschouwer in Brussel die Sisterworld duidelijk nog niet ontdekt heeft, verslikt zich haast in zijn pintje.
Regelmatig wordt er teruggegrepen naar het rijke verleden van Liars. De uitverkoren nummers Plaster Casts of Everything, dat met zijn dreunend ritme inbeukt op je hersenmassa en We fenced other houses with the bones of our own uit de heksenjachtplaat They Threw Us All in A Trench and Stuck a Monument on Top, doet keer op keer al onze lichaamsbeharing opveren. Niet moeilijk! Met de legendarische tekstregel Fly Fly the Devil’s in your eye, shoot shoot. We’re doomed, we’re doomed! waan je je meteen in de donkerste krochten van de hel.
Duivelsverzen
Tijdens de bissen krijgen we nog twee duivelsverzen te horen. Eindelijk wordt Drum’s not Dead,het meesterwerk van Liars, geëerd met meeslepende en angstaanjagende Be Quiet Mt. Heart Attack. Het al even sfeervolle Broken Witch slaat het publiek tot slot helemaal murw.
Zodra de zaallichten weer aanfloepen is de nachtmerrie voorbij. We vegen het zweet van ons voorhoofd en komen tot de vaststelling dat we een uur en een kwart even weg waren uit de realiteit. Een groep die je in een klap de daver op het lijf bezorgt én je muzikaal genot verschaft verdient het om aanbeden te worden. Liars is een klasse apart.



