Stephen Fry is in onze contreien vooral bekend als komiek van het duo Fry and Laurie met Hugh - House MD - Laurie, en als acteur in diverse films. Maar de man schrijft ook boeken. Autobiografieën zelfs.
Met De Fry kronieken, een autobiografie over zijn studentenjaren en het begin van zijn faam, is Stephen Fry aan zijn tweede zelfbeschrijvend boek toe. In deel één, Moab is my washpot, besprak hij zijn kinder- en pubertijd, en tegen het eind van De Fry kronieken zijn we helemaal klaargestoomd voor deel drie.
Niet dat we dit erg vinden. Want hoewel het 432 bladzijden tellende De Fry kronieken een relatief dikke klepper is en Fry nogal name droppend te werk gaat, leest zijn heerlijk zelfrelativerende schrijfstijl erg meeslepend. Hierdoor werkt het schijnbaar onwaarschijnlijke geluk waarmee Fry als jongeling alles bereikt, geen moment frustratie op. Fry gaat bij momenten immers ook heel zelfdenigrerend te werk, alsof hij niet in de verste verte gebukt gaat onder enige vorm van zelfvertrouwen. Of het feit dat we zijn relaas juist hierdoor enorm herkenbaar vinden iets zegt over ons eigen zelfbeeld, laten we mysterieus in het midden. Als we dat zelfbeeld immers met dezelfde cool als Fry kunnen presenteren, kan het amper negatief bevonden worden.
Aan woordenschat geen tekort
Fry heeft de neiging nogal breedsprakig te schrijven en hij is allesbehalve zuinig met adjectieven, substantieven, voorvoegsels, navoegsels en woordsoorten allerhande. Die uitvoerigheid is misschien niet altijd nodig, maar het doet geen afbreuk aan de vlotheid.
Vermoedelijk zou het boek leuker lezen in Fry’s eigen taal, het Engels, maar ook in deze vertaalde versie is het een ontspannend genot om te lezen. Het deed ons meermaals stomweg lachen in de meest sociaal onaangepaste situaties. En zoals we hierboven al zeiden: we zijn alvast benieuwd naar deel drie.
Handige links
CJP-voordeel
Als CJP'er heb je recht op 15% korting op Azur.be. Claim hier je exclusieve CJP-kortingscode.



