Wie een bezoek wil brengen aan 50/50, mag een sensationele kankertrip verwachten. 50/50 is veel beter entertainment dan een casinospel.
"Your case is quit fascinating". Het zijn woorden die men liefst niet aanhoort in een spreekkamer van een chirurg, want fascinerend betekent in ziekenhuisjargon gecompliceerd en bijgevolg een hoge kans op sterven. Adam (Joseph Gordon-Levitt), een twintiger die zowaar recycleert en duizenden meisjesharten sneller doet slaan zonder om de vijf minuten zijn T-shirt van zijn lijf te scheuren, moet omgaan met zo’n zaak.
Levensweg
Naast het verwerken van de kanker moet Adam schipperen tussen een overbezorgde moeder (Anjelica Huston), een schattige therapeute die net van achter de schoolbanken komt gekropen (Anna Kendrick), een egocentrische partner met energiekwesties (Bryce Dallas Howard) en een beste vriend die seks en wiet als dé oplossing ziet voor zijn kankerprobleem (Seth Rogen).
Joseph Gordon-Levitt speelt erg charmant en Anna Kendrick verlegt het toppunt van beminnelijkheid. Seth Rogen doet gewoon zijn ding, wat bijwijlen hilarisch is. Regisseur Jonathan Levine vindt de unieke balans tussen zwartgallige humor en prangend verdriet.
Gelukzaligheid
De film verwatert nooit in clichés of armzalige dialogen, maar legt voorzichtig de problemen bloot waarmee een kankerpatiënt geconfronteerd wordt. Ondanks het feit dat de prent geïnspireerd is door een waar gebeurd verhaal, voelen de emoties nooit geforceerd aan.
Vochtophopingen in de ogen, gecombineerd met speelse glimlachen op het gezicht, 50/50 is geen grootse cinema, maar toch laat de film je met een vernietigend gevoel van gelukzaligheid achter. Een stemming waarmee we elke dag de cinema zouden willen verlaten.



