Na Fear & Loathing in Las Vegas kruipt Johnny Depp opnieuw in de huid van een personage uit een boek van Hunter S. Thompson. Ditmaal met minder drugs maar meer vrouwen en vooral veel drank!
In 1960 trekt de 22-jarige Hunter S. Thompson naar San Juan om daar voor een sportkrant te schrijven. Zijn ervaringen ter plekke fictionaliseert hij onder de titel The Rum Diary, waarin hoofdpersonage Paul Kemp voor The San Juan Star, een fictieve Puerto Ricaanse krant, wenst te schrijven. Ter plekke raakt Kemp verstrikt in een kluwen van vastgoedzwendel, journalistieke apathie, overspel en een ongezonde, groeiende voorliefde voor de lokale rum -een gevaarlijke cocktail aan gebeurtenissen die zijn leven tenslotte finaal een nieuwe richting zal uitsturen...
"Me Terry, you Bruce"
Wanneer Hunter S. Thompson en Johnny Depp in één adem genoemd worden, gaat het meestal over Fear And Loathing in Las Vegas, de sublieme adaptatie van Thompsons latere meesterwerk door Terry Gillliam. The Rum Diary regisseur Bruce Robinson (Withnail & I) is een verdienstelijk cineast en bedient zich van een verrukkelijke beeldentaal, maar hij is géén Gilliam en slaagt er bijgevolg niet in om deze adaptatie van Thompsons proza boven het niveau van een klassieke Hollywoodfilm te laten uitstijgen.
Aaron Eckhart (The Dark Knight) staat op automatisch te acteren als antagonist Jenkins terwijl Amber Heard (Zombieland) mooi staat te wezen. Giovanni Ribisi (Avatar) speelt weliswaar op érg vermakelijke wijze professioneel drankorgel Moburg, maar de man sukkelt iets te vaak richting overacting.
Enig respijt komt er van Michael Rispoli (Kick-Ass) die als bevriend journalist Sala met de nodige menselijkheid en charme voor de dag komt en van Depp die wederom een onberispelijke vertolking van een (ditmaal jongere en bijgevolg wat meer ingetogen) Hunter S. Thompson brengt.
Vermakelijk curiosum
Terug in 1960 wordt het boekmanuscript voor The Rum Diary her en der afgewezen door uitgevers. Thompsons journalistieke carrière krijgt daarna al snel de overhand, waardoor hij het boek opgeeft. Bijna veertig jaar later wordt het alsnog gepubliceerd, lang na het succes van boeken als Fear And Loathing In Las Vegas, waarin Thompson zijn stem als schrijver definitief had gevonden.
Ook de filmversie van The Rum Diary staat, ironisch misschien, in de schaduw van die eerdere, superieure filmadaptatie van Thompsons schrijfsels, maar als een vermakelijk curiosum is dit het perfecte tijdverdrijf voor een koude winteravond.



