In het hiernamaals klinkt jazz

2
Au-Delà
Les Ballets C. de la B. - Koen Augustijnen

In de voorstelling Au-Delà ("hiernamaals") wil choreograaf Koen Augustijnen de vergankelijkheid van de mens tonen en het verdriet dat bij dit sterven hoort. Au-Delà bevat enkele mooie beelden, maar is soms iets te pathetisch, waardoor we uiteindelijk nooit ontroerd werden.

Augustijnen maakte wel een goede keuze door de jazzmuziek van Keith Jarret te gebruiken om dit verdriet te dansen. Klassieke muziek zou teveel voor een één-op-één-relatie gezorgd hebben. Jazz is nog enigszins speels en ingetogen, en kleurt al improviserend buiten de lijntjes van het repetitieve ritme, als een leven dat steeds voortkabbelt maar wel vele leuke zijsprongetjes heeft.

Jazznummers duren ook heerlijk lang. Zo begint de sterke laatste choreografie enkel met een subtiel hartgeklop, om pas tien minuten en vele evoluties later te eindigen in een korte epiloog, waarin een danser met zijn hoofd een lint laat ronddraaien (de circle of life), om dat dan rond zich heen te wikkelen tot het lint stilvalt. Knap, maar de beeldspraak wordt zo wel heel letterlijk.

Warm noch koud

De andere dansscènes blijven voor ons iets te ijl en vrijblijvend. Er wordt ook gesproken in Au-Delà: een danseres mijmert over haar jeugd, later volgen ook nog stukjes tekst over een gestorven geliefde die de toeschouwers vooraf zelf konden insturen.

Het begin, een filmpje van een dubbele regenboog waarbij een man eerst extatisch tot tranen ontroerd wordt, en het einde zijn sterk, maar er tussenin liet Au-Delà ons eigenlijk warm noch koud. Dat zou toch niet mogen bij een voorstelling over zo'n potentieel pakkend thema.

16 februari 2012